Arbo en OR
De belangrijkste bevoegdheden van de OR, MR of PvT (hierna OR genoemd) op het gebied van arbo-, verzuim- en reintegratiebeleid staan in de WOR. Enkele aanvullende bepalingen zijn afkomstig uit de Arbowet. Elk voorgenomen besluit tot vaststelling, wijziging of intrekking van een regeling op het gebied van de arbeidsomstandigheden, het ziekteverzuim of reintegratie vereist de instemming van de OR (WOR, rt. 27 lid 1d, resp. 35c). Het instemmingsrecht vervalt als het betreffende onderwerp inhoudelijk geregeld is in de CAO. De OR heeft evenmin instemmingsrecht wanneer de Arbeidsinspectie een eis heeft gesteld.
Goede informatie is belangrijk om als OR invloed uit te oefenen op het arbobeleid. De Arbowet geeft de OR het informatierecht op onder andere:
- een overzicht van alle ongevallen met verzuim;
- een exemplaar van de RI&E;
- een exemplaar van het Plan van Aanpak;
- de schriftelijke rapportage over de voortgang van het PvA na overleg;
- een exemplaar van alle veiligheidsrapporten en andere beleidsstukken in verband met het voorkomen van zware ongevallen;
- een afschrift van alle adviezen van de arbodienst aan de werkgever, direct toe te zenden door de arbodienst aan de OR en dus niet via de werkgever. Dit betreft uiteraard niet de adviezen over individuele werknemers;
- het jaarverslag van de arbodienst over de dienstverlening aan de onderneming;
- de rapporten van de Arbeidsinspectie;
- eventuele eisen van de Arbeidsinspectie en een eventueel bevel tot stillegging;
- alle verzoeken aan de Arbeidsinspectie om ontheffing van bepaalde verplichtingen uit de Arbowet.